Als uitvaartbegeleider begeleid je families in één van de meest kwetsbare momenten van hun leven. Je weet wat er nodig is, je kent de stappen, je voelt aan wat families nodig hebben. En toch… ook wij zijn gewoon mensen van vlees en bloed. Ook in onze eigen kring krijgen we te maken met afscheid nemen.
Vorig jaar verloor onze collega Judith haar vader. Ineens stond zij niet naast een familie, maar maakte ze er zelf deel van uit. Vanuit haar vakmanschap wilde ze het liefst alles zelf doen. Want wie kan een afscheid beter vormgeven dan zij?
Toch kreeg ze een liefdevol advies van collega Koen: zorg ervoor dat je op het moment van afscheid vooral dochter kunt zijn.
Deze tip raakte haar. Deze opmerking maakte dat ze besloot een deel uit handen te geven. Niet omdat ze het niet kon, maar omdat ze het mocht loslaten. Vooraf regelde ze veel zelf, in overleg met haar familie en collega’s. Ze belde het crematorium, verzorgde haar vader samen met zijn vrouw en haar eigen dochter en bracht hem naar het uitvaartcentrum. Bijzondere momenten vol verdriet maar vooral gevuld met liefde en trots. Dankbaar dat zij dit zelf kon en mocht doen voor haar vader.
Maar op de dag van het afscheid zat ze daar… op de eerste rij… als dochter. En juist dát maakte het mogelijk om echt afscheid te nemen. Om echt te voelen, te rouwen en onderdeel van de familie te zijn.
Achteraf vertelde Judith ons hoe waardevol het was om eens ‘aan de andere kant’
te zitten. Het herinnerde haar eraan hoe het voelt om afhankelijk te zijn van de zorg en aandacht van anderen. Hoe belangrijk het is dat er ruimte is voor emoties. Hoe het voelt als je ‘gedragen’ wordt, juist wanneer je zelf normaal degene bent die draagt.
Deze ervaring neemt zij mee in haar werk. Want soms is het grootste cadeau dat je iemand kunt geven niet de perfecte organisatie, maar de ruimte om gewoon zoon, dochter, partner of ouder te mogen zijn. Precies zoals het hoort bij een afscheid dat raakt.
Samen zorgen voor een passend afscheid.